Zodra het kwik richting de 30 graden kruipt, ziet je gazon er al snel dor en geel uit. De verleiding is groot om dan elke avond even de sproeier aan te zetten, maar dat is precies niet wat je gras nodig heeft. We leggen uit hoe vaak en hoeveel je je gazon het beste water geeft tijdens een hete zomer.
Liever diep dan vaak
De gouden regel is: minder vaak, maar wel flink. Bij temperaturen rond de 30 graden geef je een gevestigd gazon idealiter één tot twee keer per week water, maar dan een stevige beurt van ongeveer 15 tot 20 liter per vierkante meter. Dat komt neer op zo'n 20 tot 25 millimeter, genoeg om de grond tot zeker tien centimeter diep te bevochtigen.
Door diep te water geven groeien de wortels naar beneden, op zoek naar vocht. Geef je elke dag een klein beetje, dan blijven de wortels juist oppervlakkig en droogt je gazon bij de eerstvolgende hittegolf nog sneller uit.
Het juiste moment van de dag
Sproei het liefst vroeg in de ochtend, tussen 04:00 en 09:00 uur. Dan is het koel, waait het meestal weinig en kan het water in de bodem zakken voordat het verdampt. Water geven in de volle middagzon is zonde: een groot deel verdampt direct en waterdruppels kunnen als kleine lensjes de grassprieten verbranden. Ook de avond is minder ideaal, omdat het gras dan lang nat blijft en schimmels de kans krijgen.
Mag je gazon ook even geel worden?
Een gezond gazon kan een droge periode prima overleven. Het gras gaat dan in een soort slaapstand en kleurt geelbruin, maar herstelt zich zodra er weer regen valt. Heb je geen zin in dagelijks sproeien of geldt er een sproeiverbod, dan kun je het gras gerust met rust laten. Maai in die periode wel hoog, zo'n 5 tot 6 centimeter, want langer gras beschermt de bodem tegen uitdroging.
Tot slot
Bij 30 graden geef je je gazon dus één tot twee keer per week een flinke beurt van 15 tot 20 liter per vierkante meter, het liefst vroeg in de ochtend. Zo bouw je een sterk wortelstelsel op en blijft je gras groen, zonder elke dag met de tuinslang in de weer te zijn.